
Waar let u op bij een pannendak?
Bij een pannendak kijken we eerst naar het patroon van de pannen. Gebroken, verschoven of poreuze pannen kunnen water onder de dekking laten komen, maar een losse pan wijst niet altijd op een groter probleem. Ook de panlatten, tengels en dampremmende lagen bepalen hoe stabiel de dakopbouw blijft. Bij een oudere woning is daarom de aansluiting tussen dakvlak, goot en gevel belangrijk. Op onze website leest u welke vragen u vooraf kunt verzamelen.
Rond de nok controleren we de nokvorsten, de onderliggende mortel of flexibele aansluiting en de ventilatie onder de pannen. Bij dakdoorvoeren, dakkapellen en schoorstenen zoeken we naar open naden, verouderd lood of zink en sporen van vocht aan de binnenzijde. Een donkere plek op zolder kan door condens, een lekkende aansluiting of een beschadigde pan ontstaan. Foto’s en de plaats van het vocht helpen om die oorzaken uit elkaar te houden. Daarna bespreken we of een gerichte dakreparatie volstaat, periodiek dakonderhoud verstandig is of aanvullend onderzoek nodig is.


























